Diensten en Onderzoek Centrum Palestina

Vrijheid - Rechtvaardigheid - Gelijkheid

24 juli 2018

24 – 07 Vermoeden van sympathie voor BDS? Entry denied!

Op vrijdag 20 juli werd 2 Nederlandse onderzoekers van de stichting SOMO, Lydia de Leeuw en Pauline Overeem, de toegang tot Israel geweigerd in opdracht van de Israelische minister van Binnenlandse Zaken Ariyeh Deri. Deri was hiertoe geadviseerd door minister van Openbare Veiligheid en Strategische Zaken Gilad Erdan, die de bestrijding van de BDS-beweging tot zijn verantwoordelijkheden rekent. In een persbericht geeft minister Deri als reden dat Lydia de Leeuw “de boycot promoot en deelneemt aan activiteiten tegen de staat (Israel)”. Op welke informatie deze beschuldigingen zijn gebaseerd blijft onduidelijk. Wat betreft de redenen om Pauline Overeem toegang te weigeren hoefden blijkbaar geen verdere mededelingen gedaan te worden.

De organisatie waarvoor beide dames werken, SOMO (stichting onderzoek multinationale ondernemingen), onderzoekt sinds 1973 op eigen initiatief multinationals en de gevolgen van hun activiteiten op mens en milieu. Dit gebeurt op breed gebied en in veel verschillende landen, waaronder Israel. Zo publiceerde SOMO onlangs een rapport over de afkomst van groente en fruit met het label Israel in Nederlandse supermarkten. Ook onderzocht SOMO de mogelijke plundering van Palestijns gas voor de kust van Gaza door een Amerikaans oliebedrijf. SOMO benadrukt dat het promoten van de boycot buiten het werkveld van een onderzoeksorganisatie als SOMO valt en daarom zijn volgens hen de beschuldigingen van de minister ongegrond.

Tevens is Lydia de Leeuw bestuurslid van stichting Kifaia. Stichting Kifaia zet zich al ruim twintig jaar in voor goede basisgezondheidszorg in de Gazastrook en informeert in Nederland het publiek over de impact van de Israëlische bezetting van de Palestijnse gebieden op het dagelijks leven van Palestijnen. Hiervoor bezoeken bestuursleden een of meerdere keren per jaar de Gazastrook. Dit gebeurt altijd met de noodzakelijke toestemming van de Israëlische autoriteiten, die wordt verleend na intensieve screening. Ook Lydia kreeg tot de meest recente reis in september vorig jaar altijd zonder problemen toegang tot Gaza. Ook stichting Kifaia meldt dat de stichting of haar bestuursleden niet actief zijn in de BDS-beweging. Er is dus geen enkele reden om haar nu ineens tot persona non grata te verklaren.

Sinds vorig jaar de wet is aangenomen op basis waarvan BDS-activisten geweigerd kunnen worden, zijn verschillende activisten en anderen tegengehouden. Het moge duidelijk zijn dat deze wetgeving bedoeld is om de mond te snoeren, met name als men voor werkzaamheden naar Palestina/Israel moet reizen en daarmee afhankelijk is van de Israelische autoriteiten.

De ongefundeerde beschuldigingen aan het adres van Lydia de Leeuw en het gebrek aan argumenten wat betreft Pauline Overeem geven aan dat enkel het vermoeden van sympathie voor de BDS-beweging voldoende is om op intimiderende wijze verhoord te worden, om diplomatieke bijstand geweigerd te worden en per direct op het vliegtuig naar huis gezet te worden.

Tevens kan het zo zijn dat publieke optredens in lezingen en debatten door Lydia de Leeuw in het kader van haar onderzoekswerk of het werk voor de stichting Kifaia Israel een doorn in het oog zijn. Het is zonneklaar dat bijeenkomsten met betrekking tot Palestina nauwlettend in de gaten worden gehouden en er verdraaide en/of lasterlijke informatie over de deelnemers daaraan wordt verspreid en doorgespeeld.

Voor zover bekend zijn De Leeuw en Overeem de eerste Nederlanders die onder het mom van het nieuwe BDS-beleid zijn tegengehouden bij de grens, maar Israel kent een lange geschiedenis van het weren van vredesactivisten, waarnemers, onderzoekers en journalisten. Zo publiceerde het Nederlandse Palestina Komitee in 2006 het dossier “Visitors to Israel, Entry denied”.

Zowel SOMO als stichting Kifaia roepen de Nederlandse regering op om de Israelische autoriteiten om opheldering te vragen en om alles in het werk te stellen om te voorkomen dat onderzoekers en mensenrechtenverdedigers belemmerd worden in hun werk en in hun vrijheid van meningsuiting.

 

docP op twitter