Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+Email this to someonePrint this page

Een hoge EU-functionaris heeft het advies gekregen om activisten die zich uitspreken voor solidariteit met Palestina in diskrediet te brengen.

Vera Jourova, EU-commissaris voor Justitie, Consumentenzaken en Gendergelijkheid heeft eerder dit jaar een informatienota ontvangen over hoe om te gaan met diverse thema’s in een discussie met de pro-Israel lobby. Deze informatienota, opgesteld door EU-ambtenaren, behandelt een aantal gespreksonderwerpen over het ‘standpunt’ van de EU over de door Palestijnen geleide BDS beweging en stelt dat “het aansporen tot een boycot van culturele en academische instellingen of artiesten” tegenstrijdig is met het “EU-standpunt over non-discriminatie en vrijheid van meningsuiting.”

Dat schildert een vals beeld van de BDS beweging. In de richtlijnen opgesteld voor BDS acties wordt duidelijk gesteld dat de culturele boycot zich niet richt op Israelische artiesten als individu, maar op artiesten die de Israelische staat of instellingen medeplichtig aan Israelische misdaden vertegenwoordigen of die deelnemen aan ‘Brand Israel’ activiteiten bedoeld om de aandacht af te leiden van de onderdrukking van Palestijnen.

Jourova’s informatienota – opgevraagd en verkregen door middel van een ‘Eurowob’ verzoek was opgesteld voor een Holocaust herdenkingsplechtigheid in januari 2017. (Klik hier voor de Engelstalige versie). Deze herdenkingsplechtigheid was georganiseerd door de Israelische ambassade bij de EU samen met de pro-Israel lobbygroep AJC (American Jewish Committee).

De EU-ambtenaren hebben bij het schrijven van de nota bijna letterlijk de beschuldigingen overgenomen die in 2016 werden uitgesproken door Katharina von Schnurbein, EU’s antisemitisme coördinator. Schnurbein stelde dat “er een toename is van antisemitische incidenten na BDS activiteiten” bij Europese universiteiten. Zij kon echter geen specifieke voorbeelden geven van zulke incidenten toen zij daarom werd gevraagd. Het Bureau van Jourova heeft niet gereageerd op herhaalde verzoeken om commentaar.

“Geschokt”

Het Palestijnse Nationale BDS Comité (BNC) liet in een verklaring weten dat het “geschokt” is door de inhoud van Jourova’s informatienota. Het document “heeft de BDS beweging weggezet als antisemitisch” volgens Ingrid Jaradat, juridisch adviseur van de BNC. Een cruciaal detail, weggelaten uit de informatienota, is dat de BDS beweging consequent anti-joods fanatisme veroordeelt.

De nota is strijdig met eerdere uitspraken van andere EU-vertegenwoordigers. Zo verklaarde Federica Mogherini, EU’s hoge vertegenwoordiger voor Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid vorig jaar dat de EU “opkomt voor bescherming van de vrijheid van meningsuiting”. En hoewel zij tegen de boycot van Israel is, erkende Mogherini dat activisten het recht hebben om te pleiten voor BDS. Dat recht is beschermd door het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie. Ondanks het feit dat deze verklaring niets aan duidelijkheid te wensen overlaat, zijn er nog steeds EU-instellingen en regeringen die de Palestijnse solidariteitsbeweging in een kwaad daglicht stellen.

De Franse president Emmanuel Macron gooide verzet tegen zionisme, Israels staatsideologie, op één hoop met jodenhaat en noemde eerder deze maand antizionisme “een heruitvinding van antisemitisme“.

Oneerlijk

De woorden van Macro sluiten aan bij de decennialange poging van Israel en zijn aanhangers om de Palestijnse solidariteitsbeweging van bijbedoelingen te betichten. Dit gebeurt in ieder geval al sinds 1973, toen Abba Eban, de toenmalige Israelische minister van Buitenlandse Zaken, antizionisme betitelde als het ‘nieuwe antisemitisme’.

Deze opzettelijke misleiding is verwerkt in een dubieuze definitie van antisemitisme die vorig jaar is goedgekeurd door de intergouvernementele International Holocaust Remembrance Alliance. Voornoemde definitie is vrijwel identiek aan de definitie die meer dan tien jaar geleden werd voorgesteld door pro-Israel lobbygroepen: scherpe kritiek op Israel – bijvoorbeeld de stichting van de staat te benoemen als een ‘racistische gebeurtenis’ – moet beoordeeld worden als antisemitisch.

Zelfs de hoofdauteur van de antisemitisme definitie, een vooraanstaand oud-lid van de AJC (American Jewish Committee), heeft sterke kritiek geuit op pogingen om de definitie te gebruiken om critici van Israel het zwijgen op te leggen.

De Duitse regering onderschrijft de definitie echter van harte. Eind 2016 nam de toenmalige Duitse minister van Buitenlandse Zaken Frank-Walter Steinmeier contact op met hoge EU vertegenwoordigers en bepleitte dat de definitie een “prima bruikbaar instrument is om antisemitisme te bestrijden – zowel voor de politie als bij wetenschap en onderwijs”.

Hoewel niet juridisch bindend, hebben 24 van de 28 EU-regeringen de definitie toch onderschreven. Volgens interne documenten gebruiken politiediensten in een aantal EU-landen de definitie voor trainingsdoeleinden.

Tijdens een bezoek aan Israel in juni van dit jaar heeft Jourova in een gezamenlijke verklaring met het gastland haar waardering uitgesproken over het feit dat het Europese Parlement de definitie heeft onderschreven. Zij moedigde regeringen aan om de definitie te gebruiken bij het screenen van hun onderdanen.

Het is niet voor het eerst dat vertegenwoordigers van de Europese Unie tegenstrijdige signalen uitzenden. Veronderstelde kampioenen van het vrije woord proberen afwijkende meningen het zwijgen op te leggen. Solidariteit wordt in diskrediet gebracht om een in toenemende mate oorlogszuchtige Israelische regering tevreden te stellen.

The Electronic Intifada – David Cronin Lobby Watch 20 July 2017